“Een van de beroemdste katten van de wereld is vandaag overleden.”
Ik hoor het om 4 uur op het radiojournaal.
Het blijkt te gaan om Socks – de kat van de Clintons.
Die ze toen ze het Witte Huis verlieten aan de secretaresse gaven (dat heb ik nooit begrepen).
Socks is “ongeveer twintig jaar” geworden en heeft een spuitje gekregen.
Socks had kanker.
De laatste keer in de oogjes geflitst (op 30-1-09)
Kronkels
Wat moet je zeggen tegen iemand wier kat van 21 opeens dood is.
Dat de kat oud geworden is – dat is een goeie. En: kat heeft een mooi leven gehad.
Zou ik ook zeggen als ik van zo’n geval hoorde.
Maar als ontvanger van de goedbedoelde teksten denk ik: je begrijpt het niet! Je begrijpt *mij* niet!
Wat niet vreemd is want *ik* begrijp mij niet.
Omdat mij/ik opeens érg goed begrijpt wat mensen ertoe brengt het lijk van een overleden geliefde bij zich te houden. Op de vaste plek in de stoel. Of op bed.
Waar Eebje opeens niet meer op mijn kussen ligt. Alleen nog wat haartjes. En wanneer het bed over een week wordt verschoond liggen ook die er niet meer.
Wat wél te doen met het lijkje waarvan ik merk dat het nu niet meer spint (na een uur dacht ik dat écht nog zachtjes te horen). Maar het lijkt wel gewoon op Eeb die heel diep slaapt. Behalve dat het koud en hard is en niet opschrikt wanneer ik het aanraak.
Naar ‘de dierenambulance’ zoals mijn dierenarts dat noemt (=de vernietiger). Nee.
Naar het crematorium dan maar. Dat blijkt alleen op werkdagen open.
Begraven in de tuin. Dat lijkt het beste.
Alleen heb ik daarvoor de fysieke kracht niet.
R. biedt aan morgen te komen graven. Of maandag naar het crematorium.
Ik denk aan Pet Sematary van Stephen King. Ik wil mijn kat terug.
En ik wil nooit meer een nieuw huisdier.
Eebje is dood
Eebje is om 5.40 uur overleden.
Na een (betrekkelijk) rustige nacht.
Om 5.30 uur is ze nog even op mijn arm gekropen en heeft moeizaam ademend hard liggen spinnen. Toen stond ze op, het leek of ze moest kotsen, ze kon letterlijk ‘haar draai’ niet vinden, liet haar urine lopen, kreeg een soort toeval, sprong/viel van bed, nog wat stuiptrekkingen op het overloopje en binnen een minuut was het gebeurd.
Ik heb een tijdje bij haar gezeten en haar geaaid.
En heel hard gehuild.
Toen wilden de andere katten eten.
Eebje gaat helemaal niet goed
Als er iemand is die hoopt dat het niet waar is ben ik het maar ik denk: Eebje gaat dood.
Het valt me al weken op dat ze afvalt. Meer dan ze al afviel. Echt afvallen=invallen. Een soort gat tussen haar heupjes en haar ribbenkast.
Vannacht was ze niet ‘lastig’ = steeds dichter in me willen kruipen, nageltjes in mijn gezicht, bovenop mijn gezicht liggen etc.
Ze lag eerst naast me en toen iets verderop op de kussens.
Wat ik wel rustig vond. Want die nageltjes bijna in mijn ogen houden me nogal uit mijn slaap.
Vanochtend wil ze niet eten. Maar ze komt wel vaker pas later naar beneden en krijgt dan alsnog. Midden ochtend wil ze wel wat op bed geserveerde rosbief. Ziejewel- niets aan de hand.
Vanavond komt ze weer niet naar beneden om te eten.
Ik breng een klein bordje met blikvoer op bed. Ze ruikt eraan, ze hóeft niet.
Even later zit ze op het overloopje. Ik haal rosbief. Ze ruikt eraan maar hoeft ook dit niet.
Ze loopt de badkamer in, waar altijd vers water staat voor de katten.
Ruiken – ach laat maar.
Ik denk: toen ik vanmiddag een kort slaapje deed lag ze aan de andere kant van het bed, keek op, knorde maar kwam *niet* naar me toe.
Wat ik wel rustig vond omdat ze anders altijd op mijn arm (liefst beide armen) wil liggen en vol op m’n gezicht zodat ik geen oog dicht doe.
Ik denk: ze gaat dood. Zomaar dood. Niet aan ziekte dood. Dit is gewoon het einde.
Ik denk ook: wat moet ik doen als ze morgenochtend nog steeds niet eet maar wel leeft.
Eebje is panisch voor de dierenarts.
Om half tien gaat de praktijk open.
En natuurlijk hoop ik: dat ze even een dipje heeft en vannacht weer ontzettend aan m’n kop gaat zeuren. Of anders: dat ze morgenochtend dood is.
Ik weet het, ik weet het: géén flat panel
Held
Ik zit te zwoegen op een artikel dat niet lukt wanneer ik in de achterren Bella Donna totaal in de stress zie schieten. Langs de ren loopt Guus. Denk ik.
Maar de kat die ik voor Guus houd springt op een paaltje van de ren en dat doet Guus nooit.
Ik kijk beter: het is een lapjeskat. Een vreemde kat.
Die mij wat al te belangstellend naar m’n caafjes kijkt.
Ik ren naar beneden, ik roep “nee!” en andere pakkende teksten.
Kat springt in de ren, ik til kat uit de ren. Heel tamme kat is het, lieve kat ook wel.
Alleen: een kat met een missie. Dus loopt ze naar de andere kant van de ren, springt er weer in en jaagt opgewekt op Bella Donna die via de tamtam alle andere konijnen in Grootschermer informeert over het Gevaar.
Dan naar de caafjes die opgewonden doen en pieppiep en o, wat zijn ze klein en ik kan me voorstellen dat die kat ze aanziet voor grote muizen.
Ik til de kat uit de ren. Ik zet de kat bij de afscheiding met de buren. Ik zet de kat bij de vijver (daar drinkt ze even uit). Ik til de kat omhoog om te laten zien aan Sammie die toekijkt vanuit mijn kamer.
Ik besluit het anders aan te pakken, zet kat weer neer en haal Sammie naar beneden.
Die protesteert maar dat doet er niet toe. Ik plaats Sammie beneden op de vensterbank en samen zien we dat de vreemde kat ons kattenluikje inspecteert.
Raam open, Sammie naar buiten, dikke staarten, kat binnen twee seconden over de schutting gevlucht.
Sammie, mijn Held.
En nu maar hopen dat de onverlaat genoeg is geschrokken.
Wat gaat er om in dit hoofdje
Alleen wakker maken voor rosbief svp
Gevloerd
Gevloerd ben ik door de ruzies in m’n leven door het werk dat moet door al het andere dat moet door m’n opgevreten goudvissen (ja! je kunt hóuden van goudvissen als het er twee zijn die je jarenlang koestert in een vijver).
Er is ook nog een konijn dat niet eet.
Er is meer dat ik hier niet deel (wegens: niets mee te maken).
En ik heb rare dromen over mijn vader en mijn man.
Hoe doen andere mensen dat toch, denk ik voor de zoveelste keer.
Zijn die stevig in schoenen. Worden die gestut door een partner.
Hebben die misschien gewoon een ziel die zo verdomd veel steviger en sterker is dan de mijne.
Elke dag kijk ik naar Eebje en denk: oud vrouwtje, je houdt je kranig maar je kunt ook elke dag dood zijn. Omdat ik dat denk mag ze slapen op mijn arm en me midden in de nacht krassen over mijn ogen en als ze Weltschmertz moet jammeren dan moet ze dat vooral doen en dan slaap ik maar niet.
Elke ochtend denk ik: gotzijdank, je leeft nog.
En ook: hoe nog veel erger, hoe totaal ben ik gevloerd als je dat dadelijk op een dag niet meer doet.
Kattenmandjes
R. en ik waren vanochtend weer bij Ranzijn.
Er waren erg veel leuke kattenmandjes te koop.
Ik maakte dus ook erg veel foto’s. Hieronder een kleine selectie.
Ik zeg maar zo: dit zegt helaas genoeg
Nee, nee! ik kóóp geen platte monitor!!
Je wordt slaperig, héél slaperig en koopt géén platte monitor…
Stilte
Het is bijna Sinterklaas en dat is te merken.
Na een maand 3-4 bestellingen per dag vandaag de hele dag nog niets.
Lekker rustig.
Dacht ik, dat ik zou zeggen.
Maar ‘verontrustend rustig’ vind ik het meer.
Kom op, mensen! Het hoeft geen familiefeest te zijn om bij De Winkel van Jeanne te shoppen!
En tuurlijk mogen jullie me weer gaan opjagen vanaf 12 december met bestellingen die er binnen een paar dagen moeten zijn ivm jullie vólgende gezellige avond. Maar nu vast iets kopen mag ook.
Iets voor straks. Iets kleins. Dat je dan vast in huis hebt. Of iets groters. Of iets voor jezelf.
Zoals een bóek! (want van boeken heb je nooit genoeg)
Een lekker leesboek. Een gezellig boek. Een mee wegkruipen en dan een beetje huilen boek.
Een scherpe politieke analyse (en dan boos worden) boek.
Een kinderboek. Over een muisje. Of over een kat.
Wat me eraan doet denken dat ik nog een paar boekjes over katten heb liggen.
Ook over katten en kerstmis. En over katten en honden en chicken soup.
Maar de tastbare aaibare kat Sammie ligt op de scanner. Dus die kunnen nu niet in de Winkel.
(ik kreeg trouwens ook nog een mail waar ik niet blij mee ben maar ik aarzel of ik die hier zal bespreken)
21
Eebje is jarig.
Ze wordt vandaag 21.
Gisteren probeerde ik een foto van haar te maken – voor het log.
Ik flitste haar in de oogjes, ze vond het niet leuk en toen waren de foto’s ook nog eens mislukt.
Dus: geen foto.
Extra verwennen zou een idee zijn als ze al niet verschrikkelijk verwend wérd.
Ik bedoel: nog meer rosbief leidt alleen maar tot kotsen.
Nog liever voor haar zijn dan?
Kan ook al niet.
Zodat ik nu mensen die ik niet eens goed ken zit te mailen dat ze jarig is.
Die me dan feliciteren. En haar.
Zodat ik me vrolijk en veel meer feestvarken voel dan een week geleden.
Feestpoes.
Zondag
Winkeltip
In Amerika kocht ik kinderboekjes.
De meeste las ik ook. Sommige vond ik prachtig. Mooi geschreven, mooi getekend.
Tranen huilde ik er soms bij.
Een deel van die boekjes staat nu in de Winkel (de rest komt later).
De allermooiste heb ik tot nieuwe Winkeltip gemaakt.
Het is Verdi en gaat over een python die als jonkie geel is. Wanneer hij groot wordt zal hij vervellen en groen zijn. Verdi wil niet groot (en suf) worden dus probeert hij te voorkomen dat hij vervelt.
Dat is ontroerend (indien beter beschreven dan ik nu doe). En spannend. En het loopt goed af. Mét een wijze les. Een lieve wijze les.
[het boekje is al direct verkocht! sorry! morgen een andere tip!]
Voor wie nu denkt: maar het blijft een slang en slangen vind ik eng deze foto.
Van Sammie in slangmodus
Flauw (ik weet het)
totnutoe
Alle katten op bed (=goed) en dromen over naar Amerika vliegen. Maar eerst stijgt het vliegtuig op en daalt meteen omdat er heel gevaarlijk weer nadert. Dan heb ik een mooie plaats maar komen er steeds vervelende mensen naast en bij me zitten. Daarna sta ik even op en dan is mijn stoel gekaapt.
Eebje en Guus zijn ook mee. Maar die raak ik kwijt wanneer we zijn geland. ‘Kwijt’ in ‘kan niet meer vinden’. Waarna iemand met wie ik in de droom bevriend ben de vriendschap officieel opzegt, samen met zijn vrouw, omdat ze hebben vastgesteld dat ik een vervelend persoon ben.
Toen Radio 1 Journaal (wat leuk was), toen douchen en dieren voeren, toen artikel voor Fanlog schrijven voor morgen.
Dat artikel ingevoerd en ontevreden over de kop en onzeker over de rest.
Er liggen twee katten op bed.
Ik kruip er even bij.