Meestal laat ik m’n tuin zo’n beetje doen wat die wil.
Met deels bedoelde ‘wilde planten’ en deels onbedoelde ‘heemplanten’ die erg leuk zijn en dan ook nog troep.
Op veel plekken mag troep opgewekt z’n gang gaan.
Op 1 plek begin ik er last van te krijgen.
Het perkje tussen het terras achter het huis en de vijver.
Daarin groeide heel erg lang geleden een mooie bodembedekker met donkergroene blaadjes en donkerblauw-paarsige bloemetjes.
Hij hing ook nog decoratief over het randje boven de vijver.
Helaas was hij niet tegen tientallen graafgrage kippenpootjes bestand.
Wat geen ramp was want al snel verrees een grote bak met geurige munt.
Die kon wél tegen kippenpootjes en schoot zo goed richting hemel dat hij een paar keer per jaar moest worden teruggesnoeid en dan nóg.
Tot vorig jaar.
In april zag het er nog veelbelovend uit maar toen ik begin juni terug kwam van vakantie stond er wel érg veel ‘anders’ kwa plant.
Zoveel anders dat er amper meer munt te bekennen was.
Niet de fout van R. maar de mijne. Mijn instructie was: brandnetels uitrukken. Niet: munt beschermen.
De laatste dagen sta ik te turen op het perkje.
Naar dat kleine plukje ontkiemende munt bij de bloempot.
En naar héél veel troep.
Dus dacht ik: hoe krijg ik de troep weg en hoe stimuleer ik de munt het perk te heroveren.
Nu denk ik: misschien moet ik de munt vergeten en er gewoon iets anders planten.
Maar wát?
Speenkruid misschien,dat zaait ook heerlijk uit en is erg vrolijk met kleine gele bloemetjes.
Kruipend Zenegroen misschien? Ik weet niet of het bestand is tegen kipjes, maar ik denk het wel.
@ Conny De rest van de tuin staat vol speenkruid maar dat is een tijdelijke oplossing, speenkruid verdwijnt later deze maand (en duikt volgend jaar maart pas weer op).
We gaan vandaag omspitten waarschijnlijk.